De casting van Nieuwsuur

Nieuwsuur

Het is een beproefd tv-format: het ronde-tafel-gesprek. In zo’n setting (mag ook op een bank) geven gasten hun mening of visie, zonder de structuur van een debat. Het helpt als je weet wat er in zo’n gesprek van je wordt verwacht. Redacteuren nodigen namelijk niet zomaar mensen uit; ze casten gasten voor een bepaalde rol.

Op 7 januari 2015 staat Nieuwsuur in het teken van de aanslagen op de redactie van Charlie Hebdo. Het programma heeft vier gasten uitgenodigd: correspondent Saskia Dekker, cartoonist Jos Collignon, terrorisme-deskundige Rob de Wijk en jihad-onderzoeker Montasser AlDe’emeh.
De rolverdeling die de redactie voor ogen had, lijkt duidelijk:

Jos Collignon is cartoonist en kende de redactie van Charlie Hebdo. Hij is “slachtoffer by proxy”.

Saskia Dekker is Europa-correspondent en woont in Frankrijk. Zij mag vertellen wat de aanslag doet met het land.

Rob de Wijk is vaste leverancier van quotes over geo-politiek en veiligheid. Noem een land en hij vertelt een verhaal.

Montasser AlDe’emeh is voor zijn promotie-onderzoek ‘embedded’ geweest bij  (Westerse) strijders van IS. Hij zou kunnen vertellen hun beweegredenen.

De Wijk en Dekker zijn media-veteranen. Zij weten hoe ze hun eigen verhaal kwijt kunnen. AlDe’emeh heeft minder ervaring: hij heeft moeite om aan te sluiten op de vragen van presentator Twan Huys. Die introduceert hem als iemand die de (families van de) jihadgangers goed kent, maar dat komt niet uit de verf.

Na een kort fragment van een jonge Limburger die zich heeft opgeblazen in Irak (vanaf 55:25) geeft Huys aan AlDe’emeh “de onmogelijke opdracht” om te vertellen wat zo’n jongen beweegt. Na de constatering dat de jihad wordt beschreven in de koran en dat mensenrechten door alle groeperingen worden geschonden in Syrië (geen antwoord op de vraag), grijpt AlDe’emeh terug naar de situatie in het Irak van 2003. De presentator kapt hem af: “Dat is me te lang geleden.”

Vervolgens geeft Huys het woord aan Rob de Wijk. Die gaat nog veel verder terug in de tijd, namelijk naar de Golfoorlog van 1990. De presentator houdt hem niet tegen. Waarom niet?

AlDe’emeh is uitgenodigd om een kijkje te geven in het brein van een jihadi. Rob de Wijk voor geo-politieke en historische bespiegelingen. Aan die rolverdeling moeten zij zich ook houden.

De Wijk mag ook nog vertellen over de wrok die islamitische jongeren koesteren tegenover het Westen. AlDe’emeh lijkt in te willen haken (vanaf 56:55), want dit is immers zijn expertise, maar de regie negeert hem. Hij is af.

De kans is groot dat AlDe’emeh niet was onderbroken als hij had verteld over zijn persoonlijke ervaringen: wat voor jongens kwam hij tegen in Syrië? Hoe was de sfeer? Waar praten ze over? AlDe’emeh is de enige aan tafel die daar uit eigen ervaring over kan vertellen.

De les is hier: weet voor welk verhaal je wordt gecast, en vertel dan ook dat verhaal.